nl-NL English (United States)
zondag 20 mei 2012 ..:: Geschiedenis » Verhalen Joodse Slachtoffers » Sophia Hendrika Cohen ::..   Inloggen
 Sophia Hendrika Cohen 1903 - 1944 Minimaliseren

 
Sophia Hendrika (Fietje) Goldsmid werd geboren op dinsdag 7 april 1903 ’s middags om twaalf uur in de Boterstraat, zij was de dochter van Marlina Goldsmid.
In Wageningen werd op 21 april 1907 het huwelijk voltrokken van Marlina Goldsmid en Lazarus Cohen geboren in 1878 te 
’s Hertogenbosch en wonende te Arnhem. Bij dit huwelijk werd dochter Sophia Hendrika erkend.
Zusje Anna Simone (Anneke) werd op 14 januari 1910 geboren.
Fietje, en later haar zusje Anneke volgden lager onderwijs op School I aan de Parkstraat.
Lazarus Cohen overleed op 6 april 1917 om 2.30 uur in zijn woning in de Boterstraat op 38 jarige leeftijd. Hij werd begraven op de Nieuwe Israëlitische begraafplaats.
 
Na het overlijden van Lazarus Cohen verhuisde moeder Marlina met haar twee dochters naar de Heerenstraat. Vervolgens naar de Hoogstraat 7, Heerenstraat en Beuningstraat
Omstreeks 1937 woonde Fietje Cohen met haar moeder Marlina Goldsmid, haar zus Anneke en George, Anneke’s zoon aan de Beuningstraat 22 in Wageningen.
 
Fietje Cohen was tot 1930 in dienst van de tabaksstripperij N.V. Jul. Siemens & co aan de Grindweg, als kantoorbediende.
Vanaf 1930 werkte zij als stenotypiste bij de Verenigde Nederlandse Rubberfabrieken in Heveadorp. De fabriek kwam, na de Duitse inval, onder toezicht van Duitse bewindvoerders en Fietje werd als Joodse werkneemster ontslagen.
 
Uit een verslag van de Luchtbeschermingsdienst blijkt dat Fietje als vrijwilligster betrokken was bij een oefening op zaterdag 9 september 1939. Ze was ingedeeld bij de geneeskundige dienst afd. II.
In juli 1940 moest zij, op last van de Duitse bezetter, de dienst verlaten.
 
Evenals andere Joodse inwoners moest Fietje zich vanaf januari 1941 laten registreren in het bevolkingsregister van de gemeente op bevel van de Duitse bezetter.
De aanmeldingsplicht van personen van geheel of gedeeltelijk Joodschen bloede, Vo6 1941.
Vanaf 29 april 1942 werd het dragen van de Jodenster voor alle Joden vanaf 6 jarige leeftijd verplicht.
Op 29 maart 1943 had Rauter, commissaris-generaal voor de openbare veiligheid, verordonneerd dat alle joden in de provincies Overijssel en Gelderland zich voor 10 april 1943 in kamp Vught moesten melden.
Aan deze oproep van de Duitse bezetter werd door moeder en dochters Cohen geen gehoor gegeven. Ze bleven waar ze waren in hun eigen huis.
Wageningse verzetsmensen hebben alle mogelijke moeite gedaan de familie te overtuigen onder te duiken, Anneke en haar zoon George vonden een onderduikplaats. Moeder Marlina was ernstig ziek en Fietje wilde haar niet achterlaten.
Marlina Goldsmid overleed op 25 december 1943 in haar woning.
 
Fietje werd opgehaald en op 2 december 1943 naar kamp Westerbork gestuurd. Zij verbleef daar in barak 65.
Op 3 maart 1944 ging Fietje op transport naar Auschwitz.
Het transport kwam op 6 maart 1944 aan in Auschwitz en Fietje werd, op de dag van aankomst, vermoord.
Met het transport van 3 maart 1944 vertrokken 732 personen uit kamp Westerbork, waaronder de Wageningse familie van der Woude.
 
Op de Nieuwe Israëlitische begraafplaats liet Anneke Cohen een herinneringssteen voor Fietje plaatsen op het graf van haar moeder Marlina Goudsmid.
 
Sophia Hendrika Cohen staat vermeld op de Heveaplaquette en op de naamlijst van het Joods monument ‘De Levenspoort”.
 
 
© Stichting Joods Erfgoed Wageningen en omstreken

  

 LiveContent Minimaliseren


  

  PrivacybeleidCopyright (c) 2009 KeiWare